DCRM 2026
- Congrescentrum 1931, Den Bosch
- 12 november 2026 09:00 - 13 november 2026 17:00
Parallelsessie D: PhD Award en debat
D1. PhD Award sessie: presentaties van de beste PhD theses in Nederland
Voorzitter: Prof. dr. Charlotte van Laake-Geelen
Tijdens de DCRM 2026 worden de beste proefschriften op het gebied van revalidatiegeneeskunde in het academisch jaar 2025-2026 gepresenteerd. Na afloop kiest de jury de winnaar van de PhD Award Revalidatiegeneeskunde 2026.
De PhD Award Revalidatiegeneeskunde is een prijs die jaarlijks wordt uitgereikt voor het beste en meest aansprekende proefschrift op het gebied van revalidatiegeneeskunde in Nederland. Het doel van deze prijs is om kwalitatief hoogstaand onderzoek te waarderen en te bevorderen en de onderzoekers in het zonnetje te zetten.
Fuel and Function: nutrition and physical activity in people at risk of or with dysvascular major lower limb amputation.
Mensen met kritieke ischemie (CLTI) of een beenamputatie ten gevolge van ischemie (LLA) hebben een hoog risico op wondgenezingsproblemen, beperkt fysiek functioneren, een verminderde kwaliteit van leven en een beperkte overleving. In dit proefschrift onderzocht ik twee beïnvloedbare factoren die mogelijk bijdragen aan betere behandeluitkomsten: voeding en fysieke activiteit.
Ondervoeding bleek alarmerend vaak voor te komen, zowel kort na een amputatie als maanden later. Mensen rapporteerden regelmatig gewichtsverlies, een verminderde voedingsinname en voedingsgerelateerde klachten, en hadden vaak een lage spiermassa en handknijpkracht. Ondervoeding hing samen met een slechtere kwaliteit van leven en mobiliteit. Daarnaast waren alle deelnemers die binnen negen maanden overleden of een re-amputatie ondergingen kort na de amputatie ondervoed.
Uit interviews bleek dat voedingskeuzes vooral worden bepaald door smaak en gewoonten, terwijl kennis over voeding en herstel beperkt is. Zorgprofessionals ervaren daarnaast barrières voor goede voedingszorg, zoals kennisgebrek, beperkte tijd en onbekendheid met bestaande screeningsinstrumenten.
Hoewel fysieke activiteit na amputatie toenam, bleef deze laag. Hogere fysieke activiteit was geassocieerd met langere overleving, een betere fysieke en psychologische kwaliteit van leven en minder wondgenezingsproblemen. Deze resultaten benadrukken het belang van gepersonaliseerde multimodale voedings- en beweeginterventies vóór en na amputatie, met potentie om behandeluitkomsten te optimaliseren.
Aniek Kolen is voedings- en bewegingswetenschapper en postdoctoraal onderzoeker bij de afdeling Revalidatiegeneeskunde van het Universitair Medisch Centrum Groningen en de afdeling Gezondheidswetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam. In maart 2026 promoveerde zij cum laude aan de Rijksuniversiteit Groningen op haar proefschrift Fuel and Function: nutrition and physical activity in people at risk of or with dysvascular major lower limb amputation.
Haar onderzoek richt zich op de rol van voeding en fysieke activiteit bij mensen met een beenamputatie. Tijdens haar promotieonderzoek combineerde zij kwantitatieve en kwalitatieve onderzoeksmethoden en werkte zij samen met meerdere ziekenhuizen en revalidatiecentra in Noord-Nederland.
Momenteel richt haar postdoctoraal onderzoek zich onder andere op het verbeteren van de toegang tot revalidatie- en leefstijlzorg voor mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden, voedingsbehoeften na amputatie en de implementatie van de cardiopulmonale inspanningstest (CPET) binnen de revalidatiezorg.
Digital biomarkers in rare movement disorders: towards reliable monitoring and implementation.
In haar proefschrift onderzocht Ilse Willemse de mogelijkheden van digitale biomarkers voor het objectief en op afstand monitoren van mensen met zeldzame erfelijke bewegingsstoornissen. Deze aandoeningen leiden tot toenemende problemen in bewegen en dagelijks functioneren. Hoewel nieuwe ontwikkelingen in genetische diagnostiek en therapieën hoop bieden, is het nog lastig om ziekteprogressie en het effect van behandelingen betrouwbaar te meten. Traditionele klinische schalen geven slechts een momentopname en zijn beperkt in het detecteren van subtiele veranderingen in het dagelijks leven.
Ilse onderzocht digitale meetwaarden die met draagbare sensoren en de nieuw ontwikkelde SPAX-app kunnen worden verzameld bij mensen met spastische ataxie. Verschillende meetwaarden bleken betrouwbaar onderscheid te kunnen maken tussen patiënten en gezonde personen en gevoelig te zijn voor ziekteprogressie. Met name kenmerken van het looppatroon en specifieke vinger- en handbewegingen gemeten met de app zijn veelbelovend als toekomstige uitkomstmaten voor klinisch onderzoek. Ook werden de mogelijkheden en uitdagingen van thuismonitoring en implementatie van digitale toepassingen in de zorg onderzocht.
Tijdens de presentatie deelt Ilse Willemse de belangrijkste bevindingen en bespreekt zij de kansen en uitdagingen van digitale biomarkers voor toekomstig onderzoek en de klinische praktijk.
Ilse Willemse is Technisch Geneeskundige en promoveerde aan de Radboud Universiteit. Haar promotieonderzoek voerde zij uit binnen het Center of Expertise for Parkinson’s Disease and Movement Disorders van het Radboudumc en richtte zich op de toepassing van digitale biomarkers bij zeldzame bewegingsstoornissen. Binnen het internationale PROSPAX-consortium coördineerde zij de activiteiten van het Radboudumc en werkte zij mee aan de ontwikkeling van de SPAX-app, een smartphone-gebaseerde toepassing waarmee onder andere lopen, balans, vingerbewegingen en handbewegingen kwantitatief kunnen worden gemeten bij mensen met spastische ataxieën.
Tijdens haar promotieonderzoek presenteerde Ilse haar werk op internationale congressen en werkte zij actief samen met patiëntenorganisaties om onderzoeksresultaten toegankelijk te maken voor mensen met ataxie. Daarnaast ontwikkelde zij een praktische leidraad voor de ontwikkeling en implementatie van telemonitoring-apps binnen de Nederlandse zorg voor zeldzame neurologische aandoeningen.
Improving the application of aerobic exercise in neuromuscular diseases – From laboratory exercise testing to training in the home environment.
Mensen met een spierziekte hebben vaak een verminderde conditie door de onderliggende symptomen en een inactieve leefstijl. Gerichte conditietraining blijkt veilig en effectief om de conditie te verbeteren, maar over de optimale toepassing ervan in de klinische praktijk is nog veel onduidelijk. In dit proefschrift werd onderzocht hoe conditietraining bij mensen met een spierziekte beter kan worden voorgeschreven, geëvalueerd en ondersteund.
Het proefschrift beschrijft een reeks studies naar belangrijke aspecten van aerobe training, waaronder inspanningstesten. Piek zuurstofopname bleek goed meetbaar met een maximale inspanningstest, behalve bij mensen met ernstigere beenspierzwakte. De ventilatoire drempel bleek een bruikbare maat voor het bepalen van trainingsintensiteit, maar minder geschikt om individuele trainingseffecten vast te stellen.
Omdat het meten van de ventilatoire drempel gespecialiseerde apparatuur vereist die vaak ontbreekt in fysiotherapiepraktijken, werden eenvoudigere alternatieven onderzocht. De ‘talk test’, waarbij wordt beoordeeld tot welke inspanningsintensiteit iemand comfortabel kan praten, bleek een praktische methode voor het bepalen van trainingsintensiteit.
Tot slot werd de ReVi-app onderzocht voor ondersteuning en monitoring van training in de thuisomgeving. Patiënten gaven aan dat de app motiveerde en hielp om op de juiste intensiteit te trainen. De therapietrouw was hoog en er waren geen negatieve bijwerkingen, maar verdere technische verbeteringen zijn nodig voor bredere toepassing van de app.
Tim Veneman rondde tussen 2011 en 2016 zijn bachelor- en masteropleiding Bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam af. Sinds 2017 is hij werkzaam op de afdeling Revalidatiegeneeskunde van het Amsterdam UMC. Daar werkte hij aanvankelijk als bewegingslaborant en startte hij in december 2018 zijn promotietraject onder supervisie van Prof. Dr. Frans Nollet, Dr. Eric Lucas Voorn en Dr. Fieke Sophia Koopman. Naast zijn promotietraject was hij actief binnen het onderzoeksinstituut Amsterdam Movement Sciences, als voorzitter van de PhD-commissie en als lid van het Management Team, en bij de werkgroep ‘Inspanningstesten’ binnen de Aandachtsgroep Inspanningsfysiologie in de Revalidatie (AIRe). Sinds november 2023 werkt Tim als inspanningsfysioloog bij het Sport Medisch Centrum van het Jeroen Bosch Ziekenhuis. In deze functie richt hij zich op het verbeteren van training en prestatie bij patiënten en (top)sporters.
D2. Debat
Debatleider: Hans Oosterkamp
Likes versus Literatuur: wie bepaalt de revalidatiezorg?
Revalidatieonderzoek staat dit jaar volop in de schijnwerpers tijdens het DCRM 2026. Nieuwe trials, innovatieve interventies en wetenschappelijke inzichten vormen de basis voor hoogwaardige revalidatiezorg. Toch bepaalt de wetenschap alleen niet meer welke informatie onze patiënten bereikt. En bovendien, welke informatie voor waar wordt aangenomen. In een wereld van social media, podcasts en online ervaringsverhalen strijden onderzoeksresultaten om aandacht met influencers, persoonlijke verhalen en aantrekkelijke boodschappen.
Dat roept belangrijke vragen op. Wat heeft de meeste impact op het gedrag van patiënten: een wetenschappelijke publicatie of een populaire post? Hoe kunnen we complexe onderzoeksresultaten vertalen naar een duidelijke boodschap? En zijn we als zorgverleners verplicht om actief zichtbaar te zijn op de online platforms en social media? Zo ja, op wat voor manier dan? De impact van onderzoek wordt niet alleen bepaald door wat we ontdekken, maar ook door hoe die kennis wordt gedeeld, begrepen en toegepast. Daarbij lijkt aandacht soms minstens zo belangrijk als bewijs. Is dat een bedreiging voor evidence-based zorg, of juist een kans om meer mensen te bereiken? Moeten we influencers bestrijden, met hen samenwerken, of zelf een grotere rol opeisen in de online wereld?
Aan het einde van het debat hebben deelnemers drie concrete uitgangspunten voor betrouwbare, begrijpelijke en zichtbare communicatie over revalidatieonderzoek.
Panelleden tijdens dit debat:
- Erwin Baars – revalidatiearts Vogellanden
- Ilse van Nes – revalidatiearts Sint Maartenskliniek
- Sicco Bus – hoogleraar revalidatiegeneeskunde Amsterdam UMC
- Puranjay Sudan – aios revalidatiegeneeskunde Rijndam
- Judith te Linde – patïëntvertegenwoordiger